• Jos en Caroline Nieuwenhuijse

Tussen hoop en vrees..

Opeens grijpt het me aan. De gelatenheid, de angst, de onzekerheid. Wat moeten we doen?


Eén van onze personeelsleden heeft zijn akker vlak bij het terrein van Stephanos waar wij wonen. Na werktijd gaan we regelmatig even een rondje wandelen. Daarbij genieten we van de prachtige omgeving en ontmoetingen met de mensen om ons heen. Zo raakten we vorige week aan de praat met één van de werknemers die ons trots zijn akker liet zien. Hij is gezegend, hij heeft een grote akker, en verderop heeft hij er nog twee. Eén van deze akkers heeft zelfs zwarte grond! Dat is voor hen een teken van hoge vruchtbaarheid, dus goede kans op een goede opbrengst. De zwarte aarde is echter niet heel veel vruchtbaarder dan de andere grond, maar omdat hij lager ligt en dichter bij de rivier is er vaak meer vocht aanwezig.


Hoopvol liet hij de kiemende maïsplantjes zien. Prachtig toch?! En inderdaad, de ontkiemende maïs was prachtig om te zien. Met het kiemen van het zaad kiemt immers ook de hoop!


Half november zijn de eerste regens gevallen. De meesten hadden keurig op tijd hun akker klaar, sommigen hadden zelfs al vooraf gezaaid, hopend op regen. Lang werd er naar uit gezien. De laatste weken van oktober was de spanning te voelen: wanneer komen de regens? Kunnen we al gaan zaaien? Iedereen die in de landbouw werkt zal dit gevoel herkennen. Een gevoel van hoop, van uitzien. Alles wordt nog een keer geïnspecteerd en gecontroleerd, als de regens komen moeten we klaar zijn! Sommigen slapen er slecht van, anderen zijn vol goede moed. Zo ook in Malawi, waar eigenlijk iedereen boer is. Iedereen teelt zijn eigen maïs op zijn eigen akker. Dus sporen ze elkaar aan om te zorgen dat alles klaar ligt. Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat, (soms zelfs ’s nachts!) zijn ze in de weer om hun akkers klaar te maken. En dan begint het wachten... Wie durft er eerst te beginnen met zaaien? Iedereen kijkt naar elkaar. De geruchten gaan snel: “die en die is al begonnen!” “Ja maar dat is veel te vroeg!” “Ja maar mijn neef begint ook al!”


Uiteraard kwamen ze het ook aan mij vragen: “mister Jos! Wat moeten we doen? Kunnen we al gaan zaaien? “ Ik heb geprobeerd me afzijdig te houden. Ik ken het klimaat en de gewoonten nog niet goed genoeg. Maar toch ging het mij ook bezig houden. Helemaal toen de weersvoorspellingen half november wel degelijk regen aangaven. Voorzichtig liet ik uit mijn mond vallen dat het binnenkort wel eens kon gaan regenen. Verbaasd keken ze me aan, hoe kon ik dat nou weten? Alleen God weet toch wanneer het gaat regenen? En ze hebben gelijk. Maar met de weersvoorspellingen bleven maar regen aangeven. Ik liet het hun zien, op mijn telefoon. Dat hadden ze nog nooit gezien: een telefoon die zegt wanneer het gaat regenen! Sommigen kwamen niet bij van het lachen. Anderen namen stilletjes hun besluit: zij zouden gaan zaaien. Gelukkig kwamen de weerberichten ook via andere kanalen binnen, waardoor in één week tijd vrijwel alle akkers in de omgeving ingezaaid werden. Toen de regens dan eindelijk kwamen stonden sommigen letterlijk te springen van blijdschap. Regen betekent hoop. Hoop op voldoende eten, hoop op een betere toekomst.


De regens in Afrika zijn echter berucht. En niet voor niets. Meteen bij de eerste regens waren er gebieden waar overstromingen waren. In verschillende streken spoelden huizen weg. In de buien kan het ook flink waaien waardoor veel huizen beschadigd raakten. In het gebied waar wij wonen viel het gelukkig mee, hoewel de weg in één uur tijd veranderde van een stoffige zandweg tot een kolkende modderstroom. Ongelofelijk wat een geweld! Sommige akkers stonden onder water, maar de ondergrond was zo droog dat het snel weg zakte. Enkele uren later was het water al weer gestopt met stromen en stonden er alleen her en der nog wat plassen.


Indrukkwekkende regenwolken..

Een akker direct na de regens, grotendeels onder water. Op de voorgrond een kolkende stroom water over de weg...

Met de regen daalde ook de temperatuur. De nachten waren heerlijk koel. In ons bakstenen huis met een goed dak konden we dan ook weer lekker slapen. Onwillekeurig moesten we toch denken al die mensen om ons heen die nu in een koud en vochtig hutje lagen waarvan het dak vrijwel altijd lekt. Aangrijpend, die armoede!


Nu is het al weer weken geleden dat het geregend heeft. De regens zijn gestopt en de zon staat weer te schroeien aan de hemel. Na de eerste regens is een deel van de mais gekiemd. Maar nog niet alles, daar is meer regen voor nodig. De juist gekiemde plantjes staan slap en schreeuwen om water. In plaats van fris groen worden ze grauw, blauwgroen. Een deel is al afgestorven, verdroogd. Sommige mensen hebben al twee of zelfs drie keer opnieuw gezaaid, maar er komt niets. Alles is droog, dor en heet. Super heet. Elke dag 40 graden met een constante, droge wind.


De mannen die de weersverwachting op mijn telefoon hadden bewonderd kwamen opnieuw naar me toe. “Wat zegt je telefoon? Gaat het weer regenen?”. Maar de weersverwachtingen lieten weinig ruimte voor twijfel: volle zon, weinig kans op regen. Sommigen waren hoopvol: “de weersverwachting klopt nooit, het weer is onvoorspelbaar. Misschien gaat het toch regenen”. Anderen zeiden: “zie je wel, alleen God weet wanneer het gaat regenen. Hij geeft de regen.” Weer anderen zijn pessimistischer: “We zullen sterven! Of op zijn best honger lijden…”


Het is ontzettend aangrijpend om te zien wat hier gebeurd. Normaal gesproken beginnen de regens half november en blijft het vanaf dat moment regelmatig of zelfs dagelijks regenen. De aarde is gortdroog en gloeiend heet. Ik kan de grond met mijn handen nauwelijks aanraken. Als er niet snel regen komt zullen de weinige plantjes die er wel staan ook kapot gaan. Daarbij komt dat door de eerste regens de onkruiden ook zijn gaan ontkiemen. Die groeien sneller dan de maïs en moeten daarom verwijderd worden. De manier waarop en de materialen waarmee ze schoffelen zorgt er echter voor dat de grond nog verder uitdroogt. Tenslotte is de grond vaak erg arm, waardoor het ook nog eens weinig vocht vast houd. Veel mensen hebben geen geld voor kunstmest, zelfs niet voor dierlijke mest. Daardoor putten ze de bodem steeds verder uit, waardoor de oogst elk jaar minder wordt… Een gevaarlijke vicieuze cirkel!



Eén van de betere akkers hier in de buurt. De kleine maïsplantjes hebben zwaar te lijden onder de droogte. Op verschillende plekken zijn de plantjes al verdwenen.

Vorig jaar stond om deze tijd de maïs kniehoog... Nu zijn ze hooguit 15 cm hoog. De grond was zo heet dat ik hem nauwelijks aan kon raken...


Het gaat hier niet om wat inkomensderving door een misoogst. Geen oogst betekent gewoon geen eten! Geld om eten te kopen is er niet. Er zal honger zijn. In sommige gebieden van het land is de vorige oogst nu al volledig op. En dan te bedenken dat de nieuwe oogst normaal gesproken pas in april valt!


Het voelt zo hard, zo onrechtvaardig! Omdat ik in een welvarend land geboren ben, heb ik nooit honger gehad en hoef ik dat zelfs nu niet te hebben. Ja, het leven wordt iets duurder, maar in verhouding besteden wij nog steeds maar een klein deel van ons geld aan voedsel. Precies vanwege die tegenstelling wilde ik dit werk gaan doen, om mensen te helpen die te kort hebben. Nu ben ik hier… en kan ik er helemaal niets aan doen!


Met de goede technieken en verbeterde zaden zouden deze mensen al zo veel geholpen kunnen worden. Maar dat is een kwestie van een hele lange adem. Iets veranderen is om heel veel redenen niet eenvoudig. Vaak is er geld en kennis nodig voor deze aanpassingen, iets wat de mensen echt niet hebben. De zorgen zijn groot, levensgroot! Ze dwingen ons op de knieën. Dat is het enige wat we kunnen doen: bidden! Bidden of God het toch al zo broze Malawi genadig wil zijn en regen wil geven!


Sinds vandaag lijkt het weer eindelijk wat te veranderen. Af en toe zien we kleine regenbuitjes. Bidt u mee voor meer regen?


Recent Posts

See All

Niets is wat het lijkt, niets is helemaal zwart of wit, helemaal waar of onwaar, helemaal legaal of illegaal in een land als Malawi. Overal zijn nuances in aan te brengen. Al een tijdje zijn we bezig

Een ander land heeft andere eetgewoonten. Zo ook Malawi. Een Malawiër eet het liefste ‘nsima’: een dikke maïspap. Van maïsmeel en water wordt pap gekookt, het liefst boven een houtvuurtje tussen drie